August Willemsen
Noodlot is nooit ver uit mijn gedachten
Uitgeverij Fragment, 2018
Formaat: 22,5 x 14,5 cm
Aantal pagina’s: 55
Oplage: 100 exemplaren
€ 30 (exclusief verzendkosten)

Deze uitgave is uitverkocht.

August Willemsen, Noodlot is nooit ver uit mijn gedachten

Noodlot is nooit ver uit mijn gedachten bevat dertien brieven die August Willemsen (1936-2007) in de jaren 1972-1997 schreef aan Theo Sontrop (1931-2017), directeur van De Arbeiderspers. De met aanstekelijke gretigheid geschreven brieven getuigen van de enorme betekenis die Willemsen hecht aan het contact met Sontrop, ‘een persoon van onschatbaar belang’, klankbord in moeilijke tijden, onvervangbaar als uitgever, zonder wie allerlei boekuitgaven ondenkbaar waren.

De brieven documenteren de ontwikkeling die August Willemsen doormaakte van de vertaler van Fernando Pessoa’s Gedichten tot de schrijver van Braziliaanse brieven en De val. Het gaat om meer dan literair werk: met pretentieloze oprechtheid doet Willemsen ontboezemingen over zijn alcoholconsumptie en vrouwenavonturen. De brieven laten zich zo ook lezen als een autobiografie in fragmenten: stukjes tijd, snapshots, beleefd in Amsterdam-Bijlmermeer, Laren – het oord van revalidatie uit De val –, Rio de Janeiro en Melbourne, oftewel de vier cruciale plaatsen in August Willemsens schrijversleven.

De brieven zijn bezorgd door en van een nawoord voorzien Jan Paul Hinrichs die in 2018 reeds voor uitgeverij Fragment August Willemsens Brieven aan De Lantaarn bezorgde.

De uitgave verschijnt in een eenmalige oplage van 100 in halflinnen gebonden exemplaren.

2 gedachten over “August Willemsen, Noodlot is nooit ver uit mijn gedachten”

  1. Ik wil er heel graag twee bestellen.
    Guus was indertijd nauw bevriend met Hans Faverey en Paul Roelofsen, die beiden in mijn jeugd een belangrijke rol gespeeld hebben.

    Beantwoorden

Plaats een reactie

Meer uitgaven van Uitgeverij Fragment

C.J. Aarts – De eerste druk

Frank van Dijl – ‘Ik moet weer aan het werk. Echt hoor, mijn boek moet af’

Nop Maas – Wie moet ik anders herhalen? Citaten en allusies in de geschriften van Gerard Reve

Arjan Peters – Wie dit ziet heeft de nacht overleefd

Cyrille Offermans – Thomas Bernhard, Een beschadigd leven

Piet Gerbrandy – Pelgrimsliederen

Frank van Dijl – Misschien maak ik het mezelf veel te moeilijk

Pauline Kleijer – Cinema Express

Bob Polak – Bij het dagboek van Max de Jong

Jack van der Weide – De trolleybussen van Willem van Genk

Frank van Dijl – Alles wat ik vertel, zal eenzaam moeten zijn

L.H. Wiener – Benno Barnard en Jeroen Brouwers

Marc Kregting – Nu zoveel jaren zijn voorbijgegaan

Jan Paul Hinrichs – De melancholie van een residentie

Piet Wackie Eysten – Stefan Zweig & Joseph Roth

L.H. Wiener – Open brief aan P.F. Thomése

Bob Polak – Bij het gedicht “Heet van de naald” van Max de Jong

L.H. Wiener – Over tijd en ruimte heen. Max de Jong revisited

Frank van Dijl – Ik leef voor anderen, dat is beslist een feit

Piet Wackie Eysten – Stefan Zweig en Fackelkraus

Frank van Dijl – Niets onmenselijks acht ik mij vreemd

Piet Wackie Eysten – Stefan Zweig en Klaus Mann

Frank van Dijl – Ik zou erg graag iets goeds schrijven

Kevin Toma – Film Noir

N.P. Keuning – Nader tot het violet en de dood

Diederik Gerlach – Jazzkarton

Gustan Asselbergs, In een veilinghuis wordt niet gelezen

Cornelis Jan Aarts, Boekenjacht

Jan Paul Hinrichs, De laatste landheer

Maarten Asscher, Geheime verbindingen

Nop Maas, Altijd wat

A.L. Snijders, De Nescio Leesclub

Sarah Hart – Parijs Revisited

Beelden zoek je nooit, beelden vind je

De rode lijn

August Willemsen, Noodlot is nooit ver uit mijn gedachten

August Willemsen, Brieven aan De Lantaarn

De straten van Parijs

Don-Aminado: Ook valsemunters hebben hun kosten

‘Eerst komt het wachten, het verheugen…’